borisdittrich13-12-2010. Weifelend bel ik aan bij het adres in Amsterdam dat ik van Boris kreeg. Een mooi pand, een voormalig winkelpand lijkt het. In de etalage van weleer staan allerlei beelden kris kras door elkaar. Een klein naambordje met twee namen bevestigt dat ik wel degelijk aan het goede adres ben.

Boris doet open en samen zoeken we ons een weg door het atelier. Zijn man is kunstenaar, en dat komt zeer tot uiting in het appartement. Een glimmende glasoven siert het grote vertrek, dat wonen en werken mooi combineert. Een typisch pied-à-terre voor de man die voornamelijk in New York woont.

Hoewel, in het gesprek dat volgt wordt meteen duidelijk dat Boris ongeveer de helft van zijn tijd reizend doorbrengt. Bezig met zijn missie voor Human Rights Watch voor mensenrechten, en met name voor het bevechten van wetten die homoseksualiteit strafbaar stellen. Een constant gevecht, een voortdurende krachtsinspanning. Iets dat hij ook al in Nederland deed overigens. Boris haalt het voorbeeld aan waarin in 2005 Rita Verdonk homo’s uit Iran wou terugsturen, vergezeld van de gekscherende opmerking “dat mensen in Iran dan maar weer ín de kast moesten“. Zijn ogen vlammen furieus bij dit verhaal, maar stralen daarna trots als hij vertelt dat dit beleid door de Kamer moest worden herzien naar aanleiding van een rapport van Human Rights Watch.

En daar zie je Boris ten voeten uit. Bevlogen, gedreven. Als ik vertel van een voorbeeld uit een van mijn werkkringen, waar iemand, na het verlaten van een vergadering, toch vettig werd uitgelachen door spierballende heren, verbaasd hem dat toch en laat hij z’n verontwaardiging blijken. Maar legt ook gelijk een verband.
“Als je kijkt in een land als Kameroen is het omgekeerde aan de hand. Er zijn wetten tegen homo’s, maar de bevolking vindt een manier van leven samen met deze mensen, ondanks die wetten. Je ziet eigenlijk dus een omgekeerde parallel met Nederland, waar de wet goed is maar mensen vaak dus nog intimideren”.

hrw_logoDat brengt ons op tolerantie. Ik vind Nederland helemaal niet zo tolerant, maar Boris refereert aan een Iran-rapport, dat woensdag 15 december gepresenteerd wordt.
“Als je Nederland, Duitsland, Scandinavië vergelijkt met dat soort wantoestanden, dan doen wij het toch erg goed met de mensenrechten. We zitten in de top”

Op mijn vraag of hij zélf geen risico loopt in onvriendelijke landen zegt Boris dat dit wel meevalt. Het programma staat vast en bescherming komt van de ambassade.
“Het is meer het beklemmende gevoel in een land te lopen waar mensenrechten weinig waarde hebben. Waar mensen bang moeten zijn om voor hun geaardheid uit te komen”

We praten nog wat door over verschillende landen en komen zo op religie. Hoe de Rooms-katholieke Kerk homofilie als een zonde ziet, maar niet strafbaar op een werelds niveau. Boris vertelt dat in 8 landen op deze wereld wetten zover gaan dat de doodstraf op homofilie staat!
“Op een gegeven moment heb ik een mail gestuurd naar de staatssecretaris van mensenrechten in het Vaticaan en later werd ik uitgenodigd. Zo is er een goed contact ontstaan met respect naar mij toe. Toen later in Oeganda bijvoorbeeld de Kerk een geheel eigen koers volgde en totaal niet wist waar het Vaticaan mee bezig was en homofilie strafbaar stelde, heb ik opnieuw contact gezocht. Na mijn overleg met de staatssecretaris zijn op de achtergrond allerlei overleggen gevoerd, waardoor Oeganda later afstand nam van het wetsvoorstel. Daar doe je het voor”.

Ik haal de islam aan. Maar dat ligt lastiger volgens Boris.
“Je hebt te maken met verschillende imams, de islam is veel minder gecentraliseerd. In landen waar dit gevoelig ligt moet je vaak eerst lange preken aanhoren over hoe fout je bent.”

vnEen VN resolutie werd sterk afgezwakt doordat een amendement werd aangenomen waarin seksuele geaardheid niet expliciet meetelt als discriminatiegrond. Een aardige stap terug. De Organization of the Islamic Conference (OIC), inclusief bijvoorbeeld Suriname, steunde het amendement. Een slotdebat moet gaan uitmaken hoe de resolutie uiteindelijk eruit komt te zien.

Hiertoe voert Boris ook overleg op VN niveau.
“Vorige week had ik nog overleg met Secretaris-Generaal Ban Ki-moon en met mevrouw Susan Rice. En nu zit ik met een journalist uit Peize te praten over mijn werk. Juist deze afwisseling maakt mijn werk zo ontzettend boeiend”.
Weer zie ik de bezieling op het gezicht van Boris. Mooi om te zien. Het gesprek wordt ook persoonlijker en Boris vertelt wat dingen over zijn man en hoe hij af en toe kunstwerken versleept van New York naar Amsterdam en andersom. Ik vertel over mijn gezin met vier kinderen. We lachen om onze verschillende levens. Hij vertelt over het vele reizen. Veel naar Brussel, Straatsburg, Genève. Ik vraag nog naar zijn vakantieplannen en hij blijkt naar Suriname te gaan.
“Maar toch heb ik drie afspraken gemaakt, omdat ik dat belangrijk vindt en ik ben daar toch. Ook in het kader van dat slotdebat hè?”

w1024h593_logod66rgbZo langzamerhand komen we op D66. Boris licht zijn vertrek uit de Tweede Kamer toe. Hoe de missie naar Afghanistan hem deed aftreden, stellig als hij was in het eerlijk willen voorlichten van de bevolking omdat het niet zozeer een vredesmissie maar een vechtmisie was. Iets waar hij later gelijk in bleek te hebben. Om het kabinet niet te laten vallen trad hij af.

Later viel het kabinet alsnog. Boris vond het na 12,5 jaar mooi geweest. Op de vraag of hij ooit spijt heeft gehad van deze beslissing zegt hij:
“Als je je eigen geweten volgt met het nemen van een beslissing hoef je meestal niet lang na te denken en blijkt de genomen beslissing ook vaak de goede. Ik was altijd al met mensenrechten bezig en we wilden graag een poosje in New York wonen. Bovendien was ik net 50 en dan denk je even na over wat je nu wilt (lacht even). Dus we gingen. Voor een jaar! En dat was al best eng, toen. Dat het nu al zo lang duurt is een teken dat we het goed naar ons zin hebben zo”.

Toch kruipt het bloed waar het niet gaan kan. In 2007 kwam er een afdeling D66 New York, opgericht door Boris. Alexander Pechtold kwam het openen.
“Als je ook ziet waar Alexander de partij gebracht heeft. Dat vind ik zeer knap! Als ik nu op een congres in Nederland kom ken ik veel mensen nog niet. De partij is enorm gegroeid. In New York komen geregeld ook mensen uit Nederland overvliegen om een congres bij te wonen. We hebben soms bekende sprekers als Guy Verhofstadt, Sofie in ’t Veld en Herman Schaper. Erg leuk. Goede opkomst steeds”.

Tijdens onze mailwisselingen liet hij zich ontvallen dat hij een boek gaat uitbrengen. Als ik hem er naar vraag schrikt hij heel even.
“Hoe weet jij dat nou, o, dat had ik eigenlijk niet mogen vertellen, ik heb daar afspraken over met de uitgever. Wat je mag vertellen is dat het boek eind april 2011 uitkomt. ’t Is fictie, een politieke thriller.”
Een primeur dus! Ik vraag hem naar de reden van het boek.
“Ik heb best een zwaar leven en vind het heerlijk om daar even aan te ontsnappen. Dat lukt goed met schrijven.”

De afgesproken tijd zit er bijna op. We praten nog even over de politiek en mijn contact met Tweede Kamerlid Angelien Eijsink. Als ik zeg dat de wereld klein geworden is door Social Media begint Boris spontaan over de Wikileaks-affaire, die nu actueel is. Het lukraak dumpen van informatie op Internet is volgens hem erg gevaarlijk.

“Vele meldingen over corruptie in verschillende landen lopen via de lokale ambassade. Die ambassade geeft zaken door aan Washington DC. Als berichtenverkeer tussen deze ambassades en Washington openbaar wordt lopen er mensenlevens gevaar. Ik maak me hier ernstig zorgen over.”

Als ik weer buiten sta begint het net te sneeuwen. Na een kort verhaal over zijn zus, die een slippartij in de auto had, maant hij me tot voorzichtig rijden. Hij kijkt op z’n horloge voor nog twee volgende afspraken. Na een hartelijke lach gaat de deur dicht.
Bijzonder mens, Boris Dittrich.

 


Boris over zichzelf:

Voormalig fractieleider van D66 in de Tweede Kamer. Sinds mei 2007 werkzaam in New York als advocacy director seksuele minderheden voor de mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch. Voor Nederland is wellicht van belang te vermelden dat ik naast mijn huidige werl als advocacy director in het LGBT program van Human Rights Watch tevens ben: bestuurslid Prins Claus Fonds, bestuurslid Humanity in Action USA, lid Raad van Advies HIVOS, lid Raad van Advies Stichting Vluchteling en oprichter D66 afdeling New York.