Vaak was het bedrijf al overgenomen. Recessie en benodigde schaalvergroting waren er debet aan. Het onderkomen was meegegroeid, dat wel. Ik betrad een grote hal, voorzien van veel marmer en een glimmende zwarte balie. Achter de balie zat een man die nauwelijks detoneerde, met een helgroen kostuum dat ontworpen was door iemand die blijkbaar een hekel had aan beveiligingspersoneel. De man gaf nasaal aan dat ik in de hoek even moest wachten. Ik ging dat doen.

Ik had een zakelijke afspraak met Everts, een oudere dienende van het bedrijf. Hij haalde me spoedig op. Hij was gehuld in een mat jasje en had ogen die daar goed bij pasten.
‘We gaan even naar boven,’ stelde hij gedwee voor. Ik vond het best en volgde dito.

De lift was een uiterst geavanceerde schietstoel die ons binnen een seconde op de achttiende etage deed belanden, zodat ik het gevoel had dat mijn maag nog op de begane grond was. Toen ik er tegen Everts een opmerking over maakte, zei hij: ‘Bij de laatste overname bleek dat door de besparing op overheadkosten er een substantieel bedrag beschikbaar was voor de herinrichting van het pand.’
Het klonk doorwrocht en ik zuchtte maar eens, als non-verbaal antwoord.

Everts slofte voor mij aan langs de vele secuur gelakte spiegelende deuren die de gang rijk was. We betraden een kantoor dat veel weg had van een futuristische woonkamer.

Het gesprek met Everts verliep correct en was gelardeerd met minitieuze zinsneden, waar elke spontaniteit zorgvuldig uit weggeëtst leek. Heel Everts leek trouwens een beetje op een buikspreekpop. Het gesprek verliep als een boot die wil aanmeren aan de kade, maar door de golfslag steeds verder van de wal raakt. Ik begon wat ongemakkelijk in de relaxfeauteuil te draaien en was blij dat het gesprek ten einde was. Resultaatloos, dat wel.

Everts slofte weer voor mij uit. De lift schoot ons, met hartverzakking, naar beneden. In de marmeren hal drukte ik de matte hand. Net wou ik me omdraaien richting uitgang, toen mijn oog viel op een grote glazen hangkast aan de wand, in de hoek van de hal. Everts zag het. Zijn ogen lichtten direct op en toen ik de man aankeek leek hij tien jaar jonger.

‘De trots van het bedrijf,’ stak hij van wal. Ik keek vragend. Hij vervolgde, terwijl we langzaam op de kast afliepen: ‘In deze kast zie je eigenlijk het ontstaan van ons bedrijf, in oorsprong, in negentienvijfenzeventig. Daar achterin staan zelfs nog foto’s van de oprichting. Ik was daarbij!’

Er klonk nu een onmiskenbare trots door in zijn stem. Hij had zijn rug recht en de schouders naar achteren. Met een lichte blos vertelde hij: ‘Neem deze pennensets nu, die u hier ziet. Elke nieuwe klant kreeg er een. Ja, en het waren echter Parker pennen, moet u weten. Niet zomaar iets. En hier ziet u de eerste prototypes van de beroemde vinding waar we groot mee zijn geworden. We hadden er jaren aan gewerkt en waren zó trots! Hier onderin ziet u daar een doorontwikkeling van, ook weer iets waar we met man en macht aan werkten. En in deze kast,’ hij liep naar een soort vitrinekast, die achter een pilaar bleek te staan, ‘ziet u een oorkonde voor beste bedrijf van negentiennegenennegentig. O ja en daar staan de eerste prijzen van het bedrijfsvolleybaltoernooi!’

Zo ging het nog even door. Een herboren Everts vertelde me van alles over het bedrijf en de vervlogen jaren, die hem blijkbaar zoveel meer plezier verschaften dan de man die ik zo-even in het kantoor had gesproken. Ik was beduusd door de krachten die ik had aangeroerd.

Toen ik eindelijk weg mocht drukte hij me fors de hand.
‘Ach weet u, komt u volgende week nog even langs met de papieren, dan maken we het ook maar rond. We kunnen er nog weken over babbelen, maar ik heb gezien dat u de scherpste aanbieding hebt en snapt wat we willen. En ik heb het gevoel dat we goed kunnen samenwerken.’

Nogmaals schudden we elkaar de hand. Ik was benieuwd wanneer de twinkeling in zijn ogen zou doven deze dag. Altijd bezig met nieuwe ontwikkelingen bedacht ik dat het ook mooi zou zijn voor veel mensen om de kracht en de trots die je in het verleden voelde mee te nemen naar het heden en de toekomst. Een oerkracht die je niet wilt wegbezuinigen, die in elk bedrijf aanwezig is en je een voorsprong geeft als je het boven water weet te halen.
 
image50