image31

Toen deze man aan mijn tafel verscheen om de bestelling op te nemen, zal het niemand verbazen dat ik op brute wijze werd herinnerd aan de peultjes, die mijn moeder op doorwrochte wijze mij als jongeling trachtte te laten verorberen. Het kostte me weinig moeite mijn besluit, om een volledig menu te bestellen, om te zetten in een droog ‘Een koffie, alstublieft.’
image26

Ook zult u het met me eens zijn dat, toen elders de man rechts zich voorstelde als een heuse cocktailadviseur en ongevraagd met een geplastificeerd overzichtje van mierzoete, en ongetwijfeld alle roze, drankjes op de proppen kwam, mij een koude rilling over de rug kroop en ik het veilige ‘Een koffie, alstublieft’ uitstiet.

image27

Het luistert ook wel nauw in het bedieningswezen. De verscheidenheid aan karakters van klanten is ontmoedigend groot. Het vinden van de juiste toon, het juiste voorkomen en de correcte attitude richting de persoon die iets komt nuttigen, vereist een levenservaring die louter bedienend personeel van achter in de negentig zou opleveren en niet de in apenpakjes gehesen kinderen die nu, als goedkope arbeidskrachten, ons eten en drinken aandragen.
image30

Hiernaast een trieste actiefoto van een overijverige ober. Nergens is het tonen van klanttevredenheid zo zonneklaar namelijk als de uiting middels een kleine geldelijke bijdrage aan het basisloon van degene die besteld eten en drinken tot vlak onder onze neus serveert, opdat we alleen maar hoeven toe te tasten om het lichaam ermee te vullen. Zonder dure onderzoeken krijgt de levering van de dienst waardering. Of niet. De man hiernaast wilde erg graag waardering, maar kreeg die, ondanks vriendelijk bejegenen en een correct uiterlijk, niet, door angstige overijverigheid.

In een bericht op Twitter vroeg ik of er bereidheid is om een fooi te verstrekken aan mensen die werkzaam zijn in de horeca. Veel reactie kwam er niet op de vraag. Van nature zijn we een zuinig volk en de eigen financiële positie draagt ook niet bij aan het vrijwillig verstrekken van geldelijke bedragen aan derden. Mocht men al overwegen een financiële bijdrage te leveren, dan was de beslissing toch onderhevig aan getoond humeur, geleverde glimlach en andere fêterende zaken, waarvan ik zelfs enkele, omwille van fatsoen, niet kan noemen.

image33

Bedenk echter hoe u zelf als kniesoor in de restaurant- of barruimte acteert. Ik raad bedienend personeel aan u een spiegel te tonen alvorens af te rekenen. Indien u eruit ziet als de man links is het een zware opdracht u met een open gezicht uitnodigend toe te grijnzen. U kunt uzelf ook eens etend zien, waardoor het vriendelijke ‘Eet smakelijk’ wellicht een andere dimensie krijgt en bijdraagt aan uw zelfbewustzijn. U kunt zien hoe u met de vingers knipt of horen hoe u veel te luid ‘Ober!’ scandeert. U hoort uw slappe bakken en uw vulgair lachen. U ziet uw wulpse blikken naar het jonge personeel. O ja, en dat laatste biertje maakte u wel erg agressief.

Toe, klant, bekijk uzelf goed en dan pas de ober. Het is maar een ‘tip.’
 
image32