Kinderbowling

Kent u het principe van kinderbowling? Kinderen willen ook graag bowlen, ze willen natuurlijk een beetje meedoen met die volwassenen. Zo’n bowlingbal is al een hele uitdaging voor zo’n kind, die het verzwaarde urethaan steevast op de kleine teentjes laat vallen, ondanks vele waarschuwingen. Het doet dan ook nog pijn, omdat we niet met stalen neuzen op de bowlingbaan staan, maar op zachte slofjes.

Maar goed, als het kind dan toekomt aan het werpen van de bal, dan volgt vaak de teleurstelling. Het doel, de om te werpen kegels, wordt niet gehaald omdat de bowlingbaan te lang, te breed, te glad en te glimmend blijkt. Naast de baan zijn gootjes aangebracht. De ballen zelf stralen iets van deceptie uit als ze moedeloos wegrollen en verdwijnen in de catacomben van de baan. Huilend wendt het kind zich af.

Bowlingcentra zagen een doelgroep verdwijnen. Ze brachten hekwerkjes aan langs de baan, zoals u boven ziet. Het doel valt op deze wijze niet meer te missen. Zelfs de lukraak geworpen ballen worden dankzij de hekjes naar de kegels geleid. Menig kegel wordt geraakt. Het kind juicht en springt en iedereen is gelukkig en blij.

Mocht er toch nog een koter zijn die de bal bij herhaling op de teentjes in de slofjes laat vallen, biedt de lanceerinstallatie uitkomst. Het kind hoeft alleen maar de bal een zetje te geven en het ding rolt de baan op. De hekjes zorgen voor de rest. De kegels vallen gewillig om. Nog meer kinderen juichen en de ganse familie moet om beurten naar het toilet om te plassen van geluk.

Menig volwassene is aan het kinderbowlen op het werk. We bowlen natuurlijk niet met kinderen op het werk, nee, we hanteren het principe van het bowlen zoals kinderen dat doen. Omdat veel medewerkers doelen niet bleken te halen, zorgden werkgevers voor de hekjes langs de baan en de lanceerinstallatie van de bal. Opgelucht keken ze toe hoe werknemers alleen de bal maar een zetje hoefden te geven om de door de werkgevers zelf bedachte doelen te halen. Ballen gingen niet naast de baan, belandden niet op tenen en veel kegels gingen om. Mensen juichten.

Aanvankelijk. Bij het niet zelf vaststellen van de doelen, de kegels stonden er al zeg maar, en het niet zelf bedenken van oplossing en strategie (hekjes en lanceerinrichting kregen ze bijgeleverd) werden werknemers ongelukkig en gingen ze zich vervelen.

Kinderbowling werkt niet voor volwassenen. Kinderen blijven veel langer blij met het elke keer omver gooien van de kegels, hoewel daar zelfs bij kinderen een grens aan zit. Ik zag een keer een volwassene uit baldadigheid zijn bowlingbal in de naastgelegen baan gooien. Ik vond het bijzonder origineel en moest plassen van het lachen. Maar hij moest het pand verlaten wegens overtreding van de regels.

Mensen willen geen uitgekauwde richting. Ze willen zelf doelen bepalen. Ze willen ballen zelf gooien. Niet altijd op kegels maar op kratten bier bijvoorbeeld. Of gooien met appels, weet ik veel. Misschien zelfs zonder bowlingbaan.

Regels, kaders, richtlijnen, voorgeschreven gedrag; mensen kunnen best functioneren met minder. Geef uw werknemers de ruimte.