Ode aan FC Groningen

Vanaf zijn geboorte stond het reeds vast. We gingen naar FC Groningen. Nu was de tijd er rijp voor. Vader en zoon. Én voetbal. Omdat het zo geschreven stond in de genen van alle mannen.

Lid van de club was hij al. Een heus junior-lid, mét bijbehorende pas. Met die pas mochten hij en z’n broertje handtekeningen halen bij de spelers, een week voor de wedstrijd. Ook spannend, zeker. En zeker spannend toen hij met het grote idool op de foto mocht.

Maar het was toch allemaal kinderspel vergeleken met het toetreden tot de grote Euroborg. Reeds in de bus er naar toe verkondigde hij met zijn luide stem dat de Euroborg toch wel het grootste stadion van Nederland was. Mensen om ons heen glimlachten welwillend naar de blonde knaap in vol, groen-wit ornaat.

Zelf had ik zijn groen-witte sjaal om, een geste destijds van een meneer in een tabbert. Ik hoorde er ook bij. Vader en zoon. Én voetbal.

Nooit, maar dan ook nimmer, zal ik de hongerige, wild-enthousiaste blik in zijn ogen vergeten toen we naar binnen mochten. Een mooie, koele namiddag, met het veld in het licht van de lampen. Het stadion al halfvol, de muziek, het rumoer en de spelers, warmlopend op het veld. Hij sloeg het allemaal op. Om ook nooit meer te vergeten.

Hij kreeg complimenten over zijn outfit van de mensen in het stadion. Hij glom van trots. Met onze patat namen we plaats in vak HH, helemaal bovenin, met goed zicht op het veld.

Na de aftrap hadden de mensen een live verslaggever, waar Frank Snoeks zeker wat van kon leren. Luidkeels riep hij de naam van elke speler die aan de bal was. Niet alleen van de FC, maar ook van de tegenstander. Mensen glimlachten. Oude mannetjes keken vertederd. Maar wij allen brulden om het hardst ter aanmoediging en zongen mee met de Z-side.

Elke emotie kwam voorbij. Het eerste doelpunt was tegen. Dat moest hij wel even verwerken. Maar niet lang. Nog steeds zonder jas stond hij op, om zijn wedstrijdtenue aan de spelers te tonen. Ter aanmoediging, en luid roepend dat 1-1 óók prima was.

Toen het gelijk was, en wat mensen tegen het einde vroegtijdig wegliepen, bleef hij roepen dat de wedstrijd nog niet ten einde was. Winnen kon tot het fluitsignaal. Vol vuur, passie in pure vorm. Een aantal mensen bleef toch nog even staan.

’s Avonds in bed kon hij de slaap niet vatten. Elke bal en overtreding werd nog even behandeld. Toen hij eindelijk sliep, met een lichte blos op de wangen, keek ik naar hem, met een brok in mijn keel.

Dankje, FC Groningen. Voetbal is mooi.
 
 

image
image1-e1414090505539-768x1024

 
 
 
Oktober 2014.