18-06-2012
 

Geachte bewindslieden,

Om met de deur in huis te vallen: ik maak me zorgen. Zorgen om de manier waarop jullie bepalen hoe we met onze kinderen omgaan. Kinderen, ja. Kleine mensen, die aan onze zorgen zijn toevertrouwd. Kleine mensen zonder ervaring, met nog onontwikkelde cognitieve vaardigheden; ze moeten alles nog leren. Daarvoor zijn ze dus afhankelijk van volwassenen. Zoals ik. Maar ook zoals u.

Bewindslieden zijn vaak al wat ouder. U heeft de kinderen al groot. Het siert u. De meegebrachte levenservaring komt goed van pas bij het maken van beslissingen. Maar helaas zien we ook maar al te vaak dat ouder worden gepaard gaat met vergeten.

Vergeten hoe het was om bijna direct na de geboorte van je kind weer aan het werk te moeten gaan als vader. Vergeten hoe het was om ’s morgens naar de kinderopvang te racen om je kinderen te dumpen. Goede afspraken te maken met je vrouw, omdat die ze weer op moet halen. Blij dat de opvang de kinderen naar school brengt. En ze ook weer ophaalt.

Sommigen onder u doen het schouderophalend af als gezeur van ouders die teveel willen. U vindt dat kinderen en twee werkende ouders niet samengaan. Achteloos voorbijgaand aan de vaak bittere noodzaak daarvan, nog afgezien van het sociale aspect.

Ja, eigenlijk maak ik me nog meer zorgen. Op school staat juf voor de klas. Een klas met de leeftijd van de kinderen als enig gemeenschappelijk kenmerk. Juf instrueert de kinderen om van probleem A naar oplossing B te komen. Lekker rechtuit leren denken. Geen poespas. Doen wat juf zegt. Keer op keer het kunstje laten zien. Automatiseren van kennis. Allemaal lekker de hele dag op je kont zitten en luisteren naar de leider. De hele wereld verandert in razend tempo, maar we onderwijzen onze kinderen alsof we nog met paard en wagen rijden.

Veel bewindslieden zijn het zelf van vroeger zo gewend en zien het probleem niet zo. U vindt dat leren repeteren is. Innovatief en zelfstandig denkend worden we later vanzelf. Kinderen die meer kunnen en zich vervelen en af gaan zetten geven we Ritalin. En dat is goed zo. U vindt het een uitwas van de informatiemaatschappij met haar overdosis aan prikkels.

En nu beslissen bewindslieden dat kinderopvang schier onbetaalbaar gaat worden en we bezuinigen op onderwijs. Daarmee is er een definitieve bom gelegd onder het systeem.

Terwijl ouders zich een slag in het rond werken, omdat alles zo duur is en er zoveel is om te kopen en af te lossen, weten we eigenlijk niet waar we nu met de kinderen heen moeten. Stoppen met werken is eigenlijk geen optie. Kinderen in de opvang is geen optie. Werkgevers die vasthouden aan werktijden en aanwezigheidsplicht. Wat doen we nu met die kinderen dan? Massaal maar naar oma? Of wilt u stiekem toch moeder, die vaak toch al maar parttime werkte, weer thuis bij de kinderen?

Een spagaat, noemen we dat.

En het onderwijs? We veranderen niets en maken de klassen waarschijnlijk wat groter. We stomen de kinderen klaar voor luisteren en repeteren. Daarbij serveren scholen bij maar enige twijfel de leerling af naar een lager onderwijsniveau, om het percentage geslaagden zo hoog mogelijk te houden. Goed voor aanzien en geld. Eigenlijk blijven scholen niet goed ingericht voor kinderen die boven of onder het standaardniveau zitten.

Ziet u, ik vind het reële zorgen. Een ontwikkeling die de verkeerde kant op gaat. Te weinig soepelheid in een snel veranderende samenleving. Mocht u, in uw oneindige wijsheid, nog meer beslissingen moeten nemen, denkt u dan nog even aan de ontwikkeling van het kind en de omstandigheden waarin het opgroeit.

Bij voorbaat dank,

Gerard Jans.

 

Gepubliceerd in het Dagblad van het Noorden op 18 juni 2012.