Schisma of klysma?

Zelfbehoud is een der elementaire basiswaarden in de maatschappij. Deze waarde is gerelateerd aan de politiek. Door geen dagelijkse strijd te hoeven leveren voor voedsel hebben we allerlei vrijheden opgegeven en macht belegd bij gekozen mensen. Op deze manier hebben we georganiseerd dat we werken, geld krijgen en voedsel en andere zaken kunnen kopen.

Als gevolg van deze overdracht van macht en de door gekozen mensen gemaakte beslissingen, het sturen op productie en consumptie en het toenemende individualisme is een enorme wedloop van productie en afname van goederen ontstaan.

Er is steeds minder nadruk op groepsbinding en meer nadruk op het individu komen te liggen. Marketingmensen omschreven al lang geleden de ‘me too’-producten, een basaal hebberig principe dat reeds ontstaat in de kinderjaren. Iemand heeft iets en jij wilt het daarom ook.
Dus, nogmaals, producenten moeten, om mee te kunnen doen, veel produceren om concurrenten de baas te zijn. Consumenten moeten veel consumeren om erbij te blijven horen en aan het bevredigingsniveau, dat telkens opgerekt wordt, tegemoet te komen.

Zoals de atleet ervaart die de honderd meter loopt, of de ongelukkige bungeejumper die te pletter slaat; op een gegeven moment kan het niet sneller of is de rek eruit. In principe geldt dit ook voor groeimodellen op economisch niveau. Producties en consumpties raken overbelast, het individuele belang wordt te groot, ieder gaat nog slechts voor zichzelf.

Bedrijven gaan nog steeds failliet en mensen komen zonder middelen te zitten. Dat levert uitvallers op. Oorspronkelijk werden deze mensen nog Losers genoemd, maar er zijn inmiddels zoveel uitvallers dat deze term schielijk naar de achtergrond is verdwenen. Het systeem mag immers niet verliezen.

De mensen die we vrijwillig de macht hebben gegeven komen met maatregelen om de teloorgang van productie en consumptie te keren. Het enige geloof dat telt is dat in winnaars, overlevers. Maatregelen bestaan dan ook primair uit het steunen van de winnaars.

Aan de onderkant van de maatschappij hebben mensen minder rechten en minder lang. Met de zware maatregelen komen ze er moeilijker of nooit weer bovenop. Zo ontstaat een grote groep bedelaars. Uitvallers. De scheiding in de maatschappij of je nog meedoet met de consumptiemaatschappij, of dat je aan de zijkant staat. De man in het pak versus de man met de bedelende hand. Rijk versus arm.

Op zich geen nieuwe tweedeling. Armen, sloebers en bedelaars waren er altijd al. Met name in het begin van de vorige eeuw was er ook een enorme crisis met vele armen. De overeenkomst is de grootte van deze groep en het enorme potentieel dat in aanmerking komt om bij deze groep te gaan horen. Banen zijn zeer onzeker, ontslagrecht wordt versoepeld en uitkering gekort en bekort.

Het verschil is de nieuwe verschijningsvorm. Met een veel harder individualisme. Een meedogenlozer bezuinigingsbeleid. En er is veel meer te missen. Via alle mogelijke mediakanalen en reclame-uitingen wordt je dagelijks met je gemis geconfronteerd. Je hoort er steeds minder bij.

Nieuwe Armoede is ook niet onderdanig of zielig, maar opstandig. Tolerantie is hier niet aan de orde. Armen zijn niet tolerant jegens rijken, ze zijn afgunstig. Ze komen in verweer. Gaan in protest en raken gefrustreerd. De rijken vinden de armen lui en zien ze slechts als bedreiging, als potentiƫle profiteurs van hun middelen.

En die dreiging neemt toe. Terwijl de economie zich gedraagt als een enorme verstopte dikke darm, neemt het geweld toe. Neemt zinloos geweld toe. Neemt voetbalgeweld toe. Neemt religieus geweld toe. De onvrede neemt toe. Massale protesten nemen toe.

Misschien moeten we eens schoonspoelen, voordat alles uit elkaar spat, als een maatschappelijk klysma. Gewoon ophouden met elkaar de kop gek te maken met explosieve groeiverwachtingen. Een nieuw soort tolerantie introduceren. Een die niet gebaseerd is op geloof maar op medemenselijkheid. Een maatschappij waarin arm en rijk elkaar niet, op termijn, gaan bestrijden.

In de afgelopen verkiezingsstrijd, voor nieuwe mensen met gedelegeerde bevoegdheden, werd men zeer nerveus van alleen al het woord ‘nivellering.’ Toch zou een betere verdeling van middelen, zonder overigens individuele kenmerken en verschillen in middelen zwart-wit weg te nemen, meer welvaart brengen voor meer dan de slinkende elite.

Het lijkt helaas nog erg ver weg. Toch moeten we schoonspoelen, op weg naar een nieuw systeem, anders barst de boel. Natuurlijk ligt de oplossing bij macro-economen. Maar we moeten het willen. Met z’n allen, als een macro-economisch team dat kijkt naar waarden en niet slechts naar hoeveelheden.