‘Hoe was het bij je vader?’
Zijn moeder kijkt hem vorsend aan. Hij vindt die blik niet prettig. Bepaald niet prettig.
‘Oh, goed,’ probeert hij, zo neutraal mogelijk.
‘Hm,’ zegt ze. Haar blik laat hem nog niet los.
‘Is er nog wat te drinken, ik heb dorst,’ zegt hij gauw.

Hij probeert haar aandacht af te leiden. Het was best een leuke dag bij papa, maar in de auto naar huis dacht hij al aan dit moment. Het uithoren over wat er allemaal plaatsvond bij papa. Hij vindt het vervelend.

‘Heb je daar niks gekregen dan? En heb je wel een toetje gehad? Of heeft hij dat weer vergeten?’
Hij zucht. Hij haalt zijn schouders op en loopt naar de koelkast. Ze kijkt hem na en onderdrukt een geeuw.
‘Wat heb je gedaan dan?’ Het is nog niet klaar.
‘Oh, we hebben even wat gespeeld. Huiswerk gemaakt. Wat gezwommen. Eten,’ somt hij op. Hij is lekker bezig met de fles en het glas.
‘Hm,’ zegt ze, ‘nou mooi toch.’
Maar ze zegt het op een toon alsof ze aankondigt dat de accijns op wijn met vijftig procent is verhoogd.
‘Als je maar niet iets doet waar je geen zin in hebt. Je bent al zo oud. Je moet dingen doen die je zélf leuk vindt. Je vader kan niet accepteren dat je ouder wordt.’
Hij knikt. Dan zegt ze blij:
‘Bert komt zo thuis. Hij miste je vanmorgen. Hij wil graag voetbal met je kijken vanavond. Vind je dat leuk? Ik heb je lievelingschips gekocht. Het zijn geloof ik nu ook Bert zijn lievelingschips, hahaha. Je steekt hem aan! Hou ze maar goed bij je! Ik wil hem liever wat slank hoor! Ik vind hem zo een lekker ding!’

Ze lacht schalks en hij verslikt zich bijna in de cola. Hij haast zich om gedwee mee te lachen, als hoge meneren die lachen om een platte witz van de arbeider, maar verfoeit het semi-kokette gedrag van zijn moeder. Bah.

Dan vertelt ze uitgebreid over haar dag. Het hand in hand lopen met Bert. Wat ze gegeten hadden. Dat Bert het zo lekker vond. Toch voelt hij zich behaaglijk, nu het moment voorbij is. Hij kijkt gezellig en welwillend. Zelfs als zijn moeder verzucht dat hij toch wel erg vaak bij zijn vader is en dat daardoor het ritme hier thuis zo verstoord wordt.

Opeens krijgt hij een sms.
‘Wacht even,’ zegt hij. Maar ze was net klaar en drukt de TV aan.
Leuke dag hè? ziet hij op zijn scherm. Papa. Hij was het alweer vergeten door het vraaggesprek net.
Hij zucht en schrijft gauw Ja hoor terug. Hij schenkt zijn glas weer vol en gaat naar boven. Hij zet een vette game op en verliest zichzelf er helemaal in.

Aan tafel is Bert er ook. Hij kletst honderduit en maakt stevige grappen. Sommige erg schuin. En Bert heeft ook heel veel hoekige meningen, die Bert veel vertelt met zijn harde stem. Daar moest hij erg aan wennen, maar nu vindt hij het wel grappig. Bert houdt erg van voetbal en hij ook. Dan heb je altijd leuk wat te kletsen. En mama is veel blijer en hij heeft niet steeds meer het gevoel dat hij op een soort manier voor haar moet zorgen. Maar het is wel veel drukker in huis met Bert. Voor je het weet is de dag om. Voor je het weet is de week om.

Als het voetbal begint zet mama met een ons-kent-ons gezicht de chips op tafel en vertelt het verhaaltje van vanmiddag aan Bert. Dat Bert nu dezelfde lievelingschips heeft en niet te dik mag worden. Bert moet lachen. Mama ook. Hij ook.
Midden in de tweede helft krijgt hij weer een sms.
‘Hè, dat kloteding!’ roept Bert geagiteerd, ‘welke voetballiefhebber doet dat nou weer?’
Het is papa weer, ziet hij.
Vond je het echt wel leuk? Je leek een beetje moe. X pap, staat er.
‘Nee! Dat is toch geel! Klotescheids!’ roept Bert hard.
Jaahaa. Hou ff op. Voetbal! sms’t hij geërgerd terug en gooit het ding in de hoek.

‘Nog wat chips, jongens?’ vraagt mama blij.