Zorgelijk

De zorg wordt geconfronteerd met steeds schaarser wordende middelen die ook nog eens zo rechtvaardig mogelijk verdeeld moeten worden. De vraag naar zorg stijgt door demografische redenen, medicalisering en kostenbesparingen.

Economische motieven
Om met de kosten te beginnen; we hanteren tegenwoordig het begrip ziektelast: de kosten moeten in verhouding staan tot de kwaal. Hoe hoger de ziektelast hoe noodzakelijker de zorg is. Het begrip QALY (Quality Adjusted Life Year) bepaalt of zorg veel kost en wat je er voor terug krijgt. Een gevolg van deze weg is dat zorg blijkbaar moet lonen, met alle gevaren van dien. Want hoelang garanderen we bijvoorbeeld nog zorg voor dementerende mensen of voor groepen mensen die ongezond leven?
Solidariteit, verantwoordelijkheid, gelijkwaardigheid en beschermwaardigheid worden langzaam ondermijnd, deze begrippen laten zich moeilijk uitrekenen namelijk. ‘De Zorg’ als branche komt voort uit ‘zorg dragen voor,’ maar uit veel maatregelen spreekt ‘het zal me een zorg zijn;’ met onverschilligheid en kille berekening.
Door deze economische (in plaats van een maatschappelijke of ethische) benadering distantieert de zorg zich eigenlijk van zichzelf, van het ‘zorg dragen voor.’ Zorg wordt slechts een plicht, om een product (zorg) te leveren en te managen. Het idee dat zorg nódig is en absoluut geen keuze raken we kwijt.

Mutualiteit en contractualisering
We spreken van mutualiteit als we kortstondige marktgerichte afspraken bedoelen, met plichten en rechten die afdwingbaar zijn. De zorg belandt in deze hoek. Zorg is een recht geworden en heeft steeds minder te maken met reciprociteit; plichten en rechten die van affectieve of sociale aard zijn en niet strikt omschreven zijn.
Er is sprake van een contract met een patiënt. Deze beweging zien we overigens in vele geledingen van de maatschappij. Binnen huwelijken, het onderwijs en richting de overheid worden taken gecontractualiseerd, met gedetailleerde regels en afrekenmechanismen. Gevolg: standaardisering en protocollering van (be)handelingen en verzorging.
Het strikt uitvoeren van mutuale plichten leidt tot onvrede. Je ziet in de zorg ook dat mensen hun rechten steeds meer opeisen; het vertrouwen is weg.
Daarnaast is de poging om de geldstroom meer te controleren, uitgegroeid tot een eenzijdig marktsysteem in de wereld van zorgaanbieders dat uiteindelijk heeft geleid tot minder zorg en juist meer kosten. Een herverdeling van de budgetten zou hier noodzakelijk zijn, het systeem op zich is een kostenpost geworden.

Medicalisering; kenniscultuur en techniek
Parallel met de contractualisering loopt een verschuiving van een relatie- naar een kenniscultuur. Behandelingen worden methodiek-gestuurd ingezet; de zorg wordt technisch. Ook dit versterkt weer het aantal protocollen.
Bovendien stelt nieuwe techniek ons voor keuzes die niet altijd te overzien zijn richting de toekomst. Het is een soort tegenstelling: door toename van kennis en inzicht ontstaat een tekort aan kennis en inzicht. We overzien simpelweg de langetermijneffecten van onze keuzes niet. Techniek wordt ook vaak als wondermiddel gezien om besparingen te realiseren. Vaak ten koste van menselijk aanwezig contact, met name in het Care-segment een erg populair uitgangspunt.

Ideaalbeeld en zelfbeschikking
De patiënt wil steeds meer voldoen aan een ideaalbeeld. In een tijd waarin we veel spreken over het individu is het opvallend dat we zoveel op elkaar willen lijken. We willen allemaal onafhankelijkheid zijn en onkwetsbaar. Gezondheid is niet meer een ideaal maar geldt als uitgangspunt voor de kwaliteit van het leven. Leven met een handicap of een afwijking wordt daarmee iets dat verholpen moet worden. De mens als machine die medisch ingrijpen steeds sneller noodzakelijk maakt. Zelfs de dood moet het liefst geschieden door een medische handeling.
Kijkend naar bijvoorbeeld de Eed van Hypocrates was zorg meer gestoeld op een, zij het wat paternalistische, beroepsethiek; met sterke nadruk op de deskundigheid en verantwoordelijkheid van de arts. Langzamerhand is dit veranderd richting zelfbeschikking van de patiënt. Steeds meer bepaalt de patiënt of verder behandelen gewenst is of niet, waardoor de kosten weer stijgen.

Demografie
Sinds vorige eeuw weten we al dat de samenleving vergrijst. Steeds meer mensen worden oud. Oude mensen hebben meer zorg nodig. Als er meer zorg nodig is, is er meer geld nodig. Daar zit een belangrijke keuze. Blijkbaar vinden we dat die groeiende groep oude mensen teveel van ons geld opsouperen in de zorg. ‘De zorg wordt steeds duurder,’ is een zó bekend credo dat het gemeengoed is geworden; breed geaccepteerd en veelal ook uitgangspunt voor hierboven geschetste financiële en technische hervormingen.

Ja, en nu?
Met name door het demografisch gegeven hebben we als maatschappij bepaalt dat er grenzen aan zorg. Door deze keuze zijn er eigenlijk nu teveel mensen die zorg vragen en is er te weinig geld en te weinig personeel. Mannen in pakken, wars van elk reciprociteitsbeginsel, hebben de zorg financieel gestructureerd. Met alle maatregelen die genomen zijn om de kosten te beperken staat nu het vertrouwen in zorg onder druk.
We moeten terug naar een arts die het goede voor je doet op basis van humanitaire in plaats van financiële gronden. Zorgbestuurders die niet alleen sturen op economische winstmotieven, maar vooral op medemenselijkheid.
Redelijkheid en verantwoordelijkheid zouden een nieuwe blik moeten werpen op zorg. Zet techniek ondersteunend in en niet als vervangmiddel voor menselijk contact. Zorg is geen marktgoed, het werkt reciprociteit tegen.
Maar ook de patiënt moet zich eens achter de oren krabben of een bijna verbolgen houding uit een soort ressentiment bijdraagt aan goede en betaalbare zorg. Niet alles kan en hoeft gefikst te worden en hebben we wel altijd recht op elke behandeling?

Mensen spreken veel over het ‘zorgdebat,’ maar dit maatschappelijke debat is nooit gevoerd. Laten we dat alsnog doen met het oorspronkelijke uitgangspunt ‘zorg dragen voor,’ ook als er steeds meer mensen zijn die zorg nodig hebben. Alles is een keuze. Keuzes in zorg zijn niet slechts voorbehouden aan een aantal politici, bestuurders en verzekeraars en stoelen niet slechts op mogelijkheden van techniek. Waarden bepalen we met z’n allen. En ja, het zal geld kosten.